Zomer ’26
Verdieping · alles met bron

Het verhaal van onze twee streken

We kamperen deze zomer op twee heel verschillende plekken. Dat verschil zit letterlijk in de rots. Hieronder het achtergrondverhaal per streek, met de bergen, de geschiedenis en de grote blikvangers in de wijde omgeving. Elke bewering is onderbouwd; de bronnen staan per onderdeel vermeld.

1

Tirol: tussen kalkmuur en grasbergen

Ons dorp Itter (703 meter, zo’n 1.175 inwoners) ligt in het district Kitzbühel, op een terras aan de ingang van het Brixental, een dertig kilometer lang zijdal van het Inntal dat bij Wörgl begint. Het dorp is oud: in het jaar 902 werd het voor het eerst vermeld, als „Uitaradorf”, en van 1380 tot 1816 hoorde het bij het aartsbisdom Salzburg voordat het definitief Tirools werd.

Het bijzondere van onze plek is dat we precies op een geologische scheidslijn staan. Ten noorden van de camping, aan de overkant van het open landschap van het Sölllandl (de dorpen Söll, Scheffau, Ellmau en Going), rijst de kalkmuur van de Wilder Kaiser op. Ten zuiden beginnen de zachte, groene bulten van de Kitzbüheler Alpen. Twee wanden van één kamer, en ze zouden niet méér kunnen verschillen.

Bronnen: Wikipedia: Itter · Brixental · Sölllandl

Panorama van de Wilder Kaiser boven Ellmau
De zuidwanden van de Wilder Kaiser boven Ellmau: duizend meter dik pakket Wettersteinkalk.

De kalkmuur: het Kaisergebirge

Het Kaisergebirge hoort bij de Noordelijke Kalkalpen en beslaat zo’n 280 km² tussen Kufstein en St. Johann in Tirol. Het bestaat uit twee ketens: de kale, getande Wilder Kaiser en de begroeide Zahmer Kaiser („tamme keizer”) erachter. De hoogste top is de Ellmauer Halt met 2.344 meter, die zien we vanaf de camping.

Waarom ziet dit gebergte er zo dramatisch uit? Het massief is opgebouwd uit Wettersteinkalk en dolomiet in pakketten tot zo’n duizend meter dik: hard gesteente dat loodrecht erodeert en torens en wanden vormt. Sinds 1963 is het hele gebied natuurbeschermingsgebied, officieel 92,6 km² groot. En het is heilige grond voor klimmers: Hans Dülfer opende hier vlak voor de Eerste Wereldoorlog legendarische routes als de Fleischbank-oostwand (1912), en in 1977 werd aan diezelfde Fleischbank met de „Pumprisse” de zevende klimgraad voor het eerst vrij geklommen.

Bronnen: Wikipedia: Kaisergebirge · Tiroler Schutzgebiete (officieel) · Hans Dülfer

De grasbergen: Kitzbüheler Alpen & „onze” Hohe Salve

De Kitzbüheler Alpen. 80 kilometer lang, van het Zillertal tot de Zeller See, zijn van totaal ander materiaal: leisteen en fylliet uit de grauwackezone. Dat zachte gesteente vormt geen wanden maar ronde ruggen, tot op de top begroeid met gras. Duitsers noemen ze letterlijk Grasberge. De hoogste is het Kreuzjoch (2.558 m); de opvallendste rotstop middenin is de Große Rettenstein (2.362 m).

Onze huisberg, de Hohe Salve (1.829 m), staat op vijf kilometer hemelsbreed van de camping en draagt in het Duits de gedocumenteerde bijnaam „de Rigi van Tirol”, naar de beroemde Zwitserse panoramaberg. Terecht: bij helder weer kijk je vanaf de top op de Hohe Tauern met de Großglockner en Großvenediger, de Zillertaler Alpen én de Wilder Kaiser recht in het gezicht. Op de top staat bovendien het hoogstgelegen bedevaartkerkje van Oostenrijk.

Bronnen: Wikipedia: Kitzbüheler Alpen · Hohe Salve

De Hohe Salve boven Hopfgarten
De Hohe Salve boven Hopfgarten: een „grasberg”, tot de top groen.

Natuur: orchideeën, gemzen en de almcultuur

Het kalkgebergte is botanisch een schatkamer: het natuurgebied telt volgens regionale inventarisaties zo’n 940 bloeiende plantensoorten, waaronder orchideeën als het geel vrouwenschoentje. Aan dieren: gemzen, steenarend, oehoe, auerhoen, en opvallend genoeg leven er vuur- én alpensalamander naast elkaar.

Het zachte landschap van de grasbergen is daarentegen gemaakt, door eeuwen almwirtschaft. Elke zomer graast het vee op de hooggelegen weiden; als het in het najaar zonder ongelukken terugkeert, wordt de kudde bij de Almabtrieb feestelijk versierd met alpenrozen en zilverdistels, en draagt de voorste koe een kroon. Dat boerenlandschap is precies wat het Brixental z’n open aanzicht geeft, en het draagt een toerisme van zo’n drie miljoen overnachtingen per jaar in dit ene dal.

Waar de streek om bekendstaat

Vier dingen. Eén: de SkiWelt Wilder Kaiser–Brixental, met ± 275 kilometer piste en 81 liften een van de grootste aaneengesloten skigebieden van Oostenrijk (het allergrootste is Ski Arlberg met 305 km). Itter is er zelf één van de dorpen van. Twee: de ZDF-serie Der Bergdoktor, sinds 2008 gedraaid in Ellmau, Söll, Scheffau en Going, die de streek in heel Duitstalig Europa beroemd maakte. Drie: de Slag om kasteel Itter van 5 mei 1945, naast onze camping, waar Amerikaanse soldaten en Wehrmacht-soldaten zíj aan zij Franse oud-premiers verdedigden tegen de SS: een van de vreemdste veldslagen van de hele oorlog. En vier: Kitzbühel, achttien kilometer verderop, waar sinds 1937 op de Streif wordt geracet. 3.312 meter, maximaal 85% helling, een van de zwaarste en gevaarlijkste skiafdalingen ter wereld.

Bronnen: Tiroler Schutzgebiete · Almabtrieb · SkiWelt · Der Bergdoktor · Battle of Castle Itter · Streif

2.344 mEllmauer Halt
1963natuurgebied Kaiser
92,6 km²beschermd
1.829 mHohe Salve
902eerste vermelding Itter
85%steilste stuk Streif
Alles op het kaartje, vanaf onze camping (bergposities bij benadering)
De berggids

De mooiste toppen rond Itter

Per berg: wat is het, kun je erheen rijden, en kun je erop wandelen? Niveaus: gezin · geoefende wandelaar · zeer ervaren (gezekerde passages) · alleen klimmers.

Ellmauer Halt · 2.344 m, de koning van de Kaiser

De hoogste top van de Wilder Kaiser en hét symbool van het massief; vanaf de top zie je tot de Großglockner. Rijden: geen lift; met de auto tot de Wochenbrunner Alm (1.085 m, tolweg ± € 5). Hiken: de normaalroute (Gamsängersteig vanaf de Gruttenhütte) is een met staalkabels gezekerde klettersteig met steenslaggevaar, ± 1.250 hm, 3:45 u omhoog. Niets voor kinderen; alleen zeer ervaren bergwandelaars met set en helm. Wij bewonderen hem vanaf het hutterras. bron

Scheffauer · 2.111 m, „onze” westtop (deels)

De westelijkste grote Kaiser-top, pal boven de Hintersteiner See. Rijden: auto tot de parkeerplaats van de Hintersteiner See. Hiken: tot de Walleralm of Kaindlhütte (1.318 m) is het prachtig gezinsterrein; de top zelf gaat via de Widauersteig, de „makkelijkste” Kaiser-klettersteig, maar nog altijd ± 1.300 hm en 8 uur. bron

Treffauer · 2.304 m, de voorpost

Staat iets vóór de hoofdkam en oogt daardoor vanuit het Söllandl extra machtig. Rijden: geen lift; start bij Wegscheid/Jägerwirt boven Scheffau. Hiken: zware bergtocht met rotstrappen, twee kabelstukken en een steile puintraverse, ± 8 uur totaal, alleen voor ervaren bergwandelaars. bron

Ackerlspitze · 2.329 m, de stille tweede

Tweede top van de Kaiser, aan de eenzame oostkant; panorama van Chiemsee tot Großglockner. Rijden: tolweg het Kaiserbachtal in tot de Griesner Alm. Hiken: nee, de route vraagt vrije klimpassages (UIAA II), ± 7,5 uur: alpinistenterrein. bron

Totenkirchl · 2.190 m & Fleischbank · 2.187 m, kijkbergen

De legendes van het klimmen: op het Totenkirchl (eerste beklimming 1881) opende Dülfer zijn 665 meter hoge westwandroute, en aan de Fleischbank werd in 1977 met de „Pumprisse” de zevende klimgraad geboren. Rijden/hiken: er bestaat géén wandelroute naar deze toppen, het zijn kijkbergen. Mooiste aanschouwplek: het Stripsenjochhaus, te voet vanaf de Griesner Alm. bron

Hohe Salve · 1.829 m, de gondeltop

Onze panoramaberg. Rijden: twee gondels tot óp de top (Söll en Hopfgarten). Hiken: volledig wandelbaar, te voet vanuit Söll is het 1.160 hm (± 3:15 u), maar gondel-op en boven het toprondje lopen is de gezinsklassieker. Zie ook hike 6. bron

Kitzbüheler Horn · 1.996 m, de berg met de tolweg

De piramide boven Kitzbühel, met de gratis Alpenbloementuin (20.000 m²) op de flank. Rijden: ja! De Panoramastraße (7,5 km, 18 haarspelden, tot 22% steil, tol € 25 waarvan € 10 consumptiebon) brengt je tot het Alpenhaus op 1.670 m; er is ook een gondel vanuit Kitzbühel. Hiken: vanaf het Alpenhaus wandel je in ± 1–1,5 u via de bloementuin naar de top, breed pad, prima met kinderen. De leukste „autoberg” van de streek. bron

Großer Rettenstein · 2.366 m, de dolomietengast /

De markantste top van de Kitzbüheler Alpen: een 400 meter dikke dolomiet-rotskop die als een vreemde gast op de zachte grasbergen rust. Rijden: het Spertental in tot Aschau (bij Kirchberg). Hiken: wandelbaar als zware bergtocht (3–4 u omhoog) met korte klimpassages vlak onder het kruis, voor fitte, geoefende wandelaars, niet voor jonge kinderen. bron

Kreuzjoch · 2.558 m, het hoogste puntje

De hoogste top van de hele Kitzbüheler Alpen ligt verrassend genoeg boven Gerlos, tegen het Zillertal aan. Rijden: de Isskogelbahn-gondel vanuit Gerlos scheelt 600 hm. Hiken: geen klimwerk maar wel lang, met gondel nog altijd een tocht van 6–7 uur over een smal graatpad. Met tieners haalbaar, niet met Roos. bron

Verder kijken

Eyecatchers rond Tirol

Ook wat verder weg, afstanden hemelsbreed vanaf Itter.

De Großglockner met de Pasterze-gletsjer
De Großglockner (3.798 m) met de Pasterze-gletsjer, het dak van Oostenrijk, op 60 km van onze camping.

Bronnen eyecatchers: Großglockner · NP Hohe Tauern · Krimmler Wasserfälle · Festung Kufstein · Goldenes Dachl · Chiemsee · Zillertal

Dagtrips

De gebergten om ons heen (noord)

De Wilder Kaiser en de grasbergen heb je hierboven gehad; dit zijn de buren daaromheen. Zeven gebergten, elk met een eigen karakter en een plek waar je met kinderen echt iets kunt. Rijtijden zijn vanaf de camping, bij benadering.

Hohe Tauern & de Großglockner · 3.798 m, ± 2 u rijden

Het dak van Oostenrijk. De top is van prasiniet, een groenig omgevormd basalt, en heette vroeger zelfs „Grünstein”. Aan zijn voet ligt de Pasterze, met 8,3 kilometer de langste gletsjer van Oostenrijk, en die krimpt hard: zo’n 50 meter per jaar. Erheen rijden kan letterlijk: de Großglockner Hochalpenstraße (47,8 km, uit 1935, hoogste punt Hochtor op 2.504 m) brengt je zonder één stap klimmen naar de Kaiser-Franz-Josefs-Höhe op 2.369 meter, recht tegenover berg en gletsjer. Tol 2026: € 46,50 per auto, elektrisch € 40. Geen wandeling nodig, wel een trui. bron · tarieven

Venedigergruppe & de Großvenediger · 3.657 m, poort op ± 1u15

Een witte koepel van gletsjers op granietgneis van ruim 300 miljoen jaar oud, sinds de eerste beklimming in 1841 „de weltalte Majestät” genoemd. De berg is officieel gekrompen: in de jaren tachtig 3.674 meter, na de hermeting van 2014 nog 3.657, want zijn ijskap smelt. De top zelf is alleen voor gletsjeralpinisten. Onze poort tot dit gebied: de Krimmler Wasserfälle, met 380 meter valhoogte in drie trappen de hoogste waterval van Oostenrijk. De onderste val zie je na een korte wandeling, de Wasserfallweg omhoog loop je zo ver als de benen reiken. bron · Krimml

Zillertaler Alpen · Hochfeiler 3.509 m, gletsjer op ± 1u20

Donkere, vergletsjerde kammen van granietgneis; over de hoofdkam loopt sinds 1920 de staatsgrens met Italië. Sinds 1850 is hier zo’n 60 procent van het gletsjeroppervlak verdwenen. Het uitje: de Hintertuxer Gletscher, 365 dagen per jaar open, kabelbaan tot 3.250 meter. Boven ligt de Natur Eis Palast, een ijsgrot zo’n 30 meter ónder de skipiste, het hele jaar toegankelijk, plus een Gletscherflohpark voor de kinderen. Zomerskiërs kijken is gratis vermaak. Wie liever rijdt: de Schlegeis Alpenstraße naar het stuwmeer (tol € 18 inclusief parkeren) of de Zillertaler Höhenstraße tot ± 2.000 meter (± € 10, alleen contant, check ter plekke). bron · Hintertux · Schlegeis

Karwendel · Birkkarspitze 2.749 m, Pertisau op ± 45 min

Vier lange grijze kalkketens met 125 toppen boven de 2.000 meter, en met 727 km² de grootste naturpark van Oostenrijk, beschermd sinds 1928. Hier broeden steenarenden en ontspringt de Isar, de rivier die door München stroomt, als bergbeekje. Voor ons: vanuit Pertisau aan de Achensee wandel je de vlakke dalen in, en wie het groots wil zien pakt in Innsbruck de Nordkettenbahn vanuit de binnenstad het gebergte in. bron · naturpark

Rofan · Hochiss 2.299 m, Maurach op ± 40 min

Het lichte kalkbalkon boven de Achensee, met 8,4 kilometer lengte en 133 meter diepte het grootste meer van Tirol. De Rofanseilbahn vanuit Maurach brengt je naar 1.840 meter, met daarboven wandelpaden in alle maten en de Adlerhorst, een uitzichtnest van 15 ton staal op de Gschöllkopf. Eerlijk voorbehoud: de beroemde AIRROFAN Skyglider, de stalen adelaar die met 80 km/u naar beneden vliegt, mag pas vanaf 10 jaar én 1,30 meter. Dit jaar mag er dus nog niemand van ons mee; kijken kost niks. bron · AIRROFAN

Loferer Steinberge · Großes Ochsenhorn 2.511 m, Lofer op ± 50 min

Kale, steile plateaustokken van Dachsteinkalk boven Lofer, vanbinnen zo vol gaten als een kaas: het regenwater verdwijnt in diepe karstschachten en in de Prax-Eishöhle blijft het hele jaar ijs liggen (alleen met gids). In het gebergte zelf is geen kabelbaan en de enige hut ligt op 1.966 meter, dus dat bewaren we voor later. Het gezinsalternatief ernaast: de Almenwelt Lofer, met gondels naar een hoogplateau op 1.400 meter, zeven rondwandelingen en een alm-speeltuin; kinderwagens mogen mee in de gondel. Vanaf de alm kijk je recht op de steilwanden. bron · Almenwelt

Berchtesgadener Alpen · Watzmann 2.713 m, Königssee op ± 1u30

Net over de Duitse grens: de Watzmann, derde berg van Duitsland, met in zijn oostwand de hoogste rotswand van de Oostalpen (± 1.800 m). Volgens de sage was Watzmann een wrede koning die met vrouw en kinderen versteende; vanuit het noorden zie je de hele familie naast elkaar staan. Aan zijn voet ligt de Königssee, 190 meter diep en fjordachtig ingeklemd, in het enige Duitse nationale park in de Alpen (sinds 1978). De dagtocht: elektrische boten (al sinds 1909, langer dan er Tesla’s bestaan) varen naar het kerkje St. Bartholomä, en halverwege stopt de schipper om trompet te spelen tegen de echowand. Bootprijzen: check ter plekke. bron · Königssee

De zeven op het kaartje, vanaf onze camping
2

Ons huttentocht-decor: het amfitheater onder het Ellmauer Tor

Op 26 en 27 juli spelen wij zelf een rolletje in dit landschap, daarom verdient het hoekje waar onze huttentocht zich afspeelt zijn eigen hoofdstuk. Het toneel: de zuidflank van de Wilder Kaiser boven Ellmau, tussen de Wochenbrunner Alm (1.085 m) en het Ellmauer Tor.

De Gaudeamushütte staat op een almweide aan de voet van de Törlspitzen, direct onder het Kübelkar: een door erosie uitgeslepen puinketel die als een reusachtige trechter omhoog loopt naar het Ellmauer Tor, de diepste inkerving in de hoofdkam, op de grens van Centraal- en Oost-Kaiser. De Engelse Wikipedia noemt die poort vanwege zijn ligging „the heart of the Kaiser”. Hoe hoog het Tor precies is, hangt af van wie je het vraagt: het bord ter plekke zegt 1.980 m, Wikipedia 1.981 m, de kaart 2.006 m.

Om ons amfitheater heen staan, met de klok mee: de Ellmauer Halt (2.344 m, de hoogste van het hele massief) in het westen, dan de Karlspitzen (2.281/2.260 m) direct links van het Tor, de Goinger Halt (2.242/2.192 m) direct rechts ervan, en de getande rij Törlspitzen (tot 2.227 m) recht boven het hutdak, met klimtop Bauernpredigtstuhl (2.119 m). Wie ’s ochtends vroeg op het terras zit, kijkt volgens de hutsectie zó „hinauf zum Ellmauer Tor, den Karlspitzen und auf den Ellmauer Halt”, en aan de overkant van het dal naar het huis van de Bergdoktor.

Bronnen: Wikipedia: Ellmauer Tor · Törlspitzen · Karlspitzen · Goinger Halt · auf-den-berg.de · DAV Main-Spessart

Het Ellmauer Tor van dichtbij
Het Ellmauer Tor: de poort boven onze hut, „het hart van de Kaiser”.
Uitzicht vanaf het Ellmauer Tor naar het zuiden
De blik vanaf het Tor naar het zuiden, beneden ligt ons dal.
Treffauer, Kaiserkopf en Ellmauer Halt
Tussen Treffauer en Ellmauer Halt: de Kaiserkopf, het „slapende hoofd van de keizer” uit de sage.

Een hut met een verhaal

De Gaudeamushütte werd in 1899 gebouwd door de Akademische Alpenvereinssektion Berlin, een studentensectie, wat de naam vermoedelijk verklaart: „Gaudeamus igitur” („laten we vrolijk zijn”) is hét studentenlied. Eerlijk is eerlijk: die naamsverklaring staat nergens zwart op wit, maar de studentenclub wél. In 1924 verwoestte een lawine de hut volledig; in 1927 werd ze 300 meter oostelijker herbouwd, daar slapen wij. Sinds 1999/2003 is ze van de DAV-sectie Main-Spessart, en onder klimmers heet ze liefkozend de „Gaudihüttn”. Vijftien minuten boven de hut ligt een 55 meter lange oefenklettersteig waar we de klimmers aan het werk zien.

Beroemde paden langs onze slaapplaats

Onze hut is een knooppunt van grote routes: de Wilder-Kaiser-Steig (de tweedaagse hoogtetraverse langs de hele zuidflank) komt er letterlijk langs, net als etappe 1 van de Kaiserkrone, de vijfdaagse trektocht van 65 km en 4.000 hoogtemeters rond het complete massief. En het pad omhoog door het Kübelkar is dé normaalweg naar het Ellmauer Tor: veel rots, veel puin, één stukje staalkabel, voor ons geen doel, wel het decor van ons ochtendommetje.

Gemzen, salamanders en een slapende keizer

Rond de route naar de Gruttenhütte zijn „fast zahme Gämsen” (bijna tamme gemzen) gedocumenteerd, dus ogen open bij zonsopkomst. Bijzonder aan dit natuurgebied: vuursalamander én alpensalamander komen er naast elkaar voor, en op de kalk bloeit het gele vrouwenschoentje, de zeldzaamste orchidee van de Alpen. En dan de sage: tussen Treffauer en Ellmauer Halt ligt de Kaiserkopf, volgens de overlevering het versteende, slapende hoofd van keizer Karel de Grote, bewaakt door drie reuzen. Hij ontwaakt pas als het bronnetje onder de berg stopt met druppelen. Wij lopen dus letterlijk over de deken van een slapende keizer.

Bronnen: Wikipedia: Gaudeamushütte · bergsteigen.com · Kaiserkrone · Wilder-Kaiser-Steig · roberge.de (gemzen) · Tiroler Schutzgebiete · sagen.at: Kaiserkopf

1899hut gebouwd (studenten!)
1924lawine, herbouw 1927
± 1.980 mEllmauer Tor
2.344 mEllmauer Halt ernaast
65 kmKaiserkrone langs de hut
Het amfitheater op het kaartje (posities bij benadering)

Zo lopen wij hem: de uitgewerkte tweedaagse (hike 1)

3

Valsugana: het dal dat de Alpen met Venetië verbindt

Onze tweede thuisbasis ligt in de Valsugana, een van de hoofddalen van de autonome provincie Trento. Het dal loopt van Trento in het westen tot Bassano del Grappa in het oosten, waar het uitkomt op de Venetiaanse laagvlakte. En het bijzonderste begint letterlijk naast onze camping: tussen de meren van Levico en Caldonazzo ontspringt de rivier de Brenta, die 174 kilometer verderop bij Chioggia, onder Venetië, in de Adriatische Zee uitmondt. Het fietspad door het dal volgt die rivier; je kunt vanaf de camping in theorie je eigen rivier achterna fietsen tot aan zee.

Het dal is al twintig eeuwen doorgangsroute. De Romeinse Via Claudia Augusta (tak Altinate, aangelegd vanaf 15 v.Chr., uitgebouwd onder keizer Claudius) liep van de lagune bij Venetië door de Valsugana naar Trento, in Tenna, het heuveldorpje bij onze camping, staat nog een Romeinse mijlsteen met het getal XXXXI: 41 mijl vanaf Feltre. En tot 1918 was dit Oostenrijks grondgebied: de grens met Italië lag midden in het dal, bij Tezze. De Oostenrijkers legden in 1896 de spoorlijn aan waarmee wij straks naar Trento of Bassano sporen.

Bronnen: Wikipedia: Valsugana · Via Claudia Augusta · mijlsteen Tenna (Visit Valsugana) · Valsugana-spoorlijn

De Lagorai-keten
De Lagorai: zeventig kilometer donker porfier, en in de hele keten maar vier liften.

Donker porfier, lichte kalk

Ook hier liggen we op een geologische breuklijn. Ten noorden van het dal rijst de Lagorai op: een keten van zo’n 70 kilometer lang en ± 956 km², opgebouwd uit donker, roodbruin porfier, gestold vulkanisch gesteente uit het Perm. De hoogste top van het gebied, de Cima d’Asta (2.847 m), is geologisch nóg een buitenbeentje: een „granieteiland” in de porfierketen. Ten zuiden liggen juist lichte kalkhoogvlakten: de Vigolana en de hoogvlakte van Asiago, met de Cima Dodici (2.336 m), die berg heet „Twaalf” omdat hij in bepaalde seizoenen om 12 uur ’s middags de zon voor Borgo Valsugana verduistert.

De beroemde bleke Dolomieten liggen verder naar het noordoosten, maar het contrast tussen donker vulkanisch gesteente aan de ene en lichte kalk aan de andere kant van het dal maakt de Valsugana zelf al een geologieles in het groot.

De meren: glaciaal én verrassend warm

Beide meren zijn glaciaal van oorsprong. Het Caldonazzo-meer is met 5,38 km² het grootste meer dat volledig in Trentino ligt (maximaal 49 meter diep); ons eigen Levico-meer meet 1,16 km² en is tot 38 meter diep. Door de lage ligging (± 449 m) en de beschutte, zonnige dalkom haalt het zwemwater ’s zomers zo’n 24 graden. Caldonazzo wordt genoemd als een van de warmste zwemmeren van de Alpen. Allebei dragen ze al jaren de Blauwe Vlag, zeldzaam voor bergmeren.

Habsburgs kuuroord

Levico Terme dankt de toevoeging „Terme” aan zijn bronwater: arseen-ijzerhoudend water dat op 1.582 meter hoogte bij Vetriolo door ertsaders sijpelt, het enige water van dit type in Italië en een van de zeldzaamste van Europa. Nadat de Oostenrijkse spoorlijn in 1896 het dal bereikte, verrezen een jugendstil-Grand Hotel en een kuurpark; aartshertog Eugen opende het complex in 1900 en de Oostenrijkse adel volgde. Het Parco delle Terme waar we doorheen wandelen (ruim 12 hectare, aangelegd vanaf 1898, 125+ boomsoorten) is het grootste historische park van de provincie.

Het front van 1915–1918

Diezelfde grensligging maakte het dal in de Eerste Wereldoorlog tot frontgebied. De Oostenrijkse verdedigingslinie liep precies ter hoogte van onze twee meren, met de forten Tenna en Colle delle Benne (allebei 1884–1890) als grendels van het dal. De spectaculaire Strada del Menador, in 1911 door de Kaiserjäger-regimenten in de rotswand gehakt, bevoorraadde de fortengordel op de hoogvlakte, waar het grote Forte Belvedere (1908–1912) nu een indrukwekkend oorlogsmuseum is. Onze wandeling naar Forte Colle delle Benne (hike 7) loopt dus letterlijk door deze geschiedenis.

Wildernis, de storm en een wereldprimeur

De Lagorai geldt als een van de wildste, minst ontsloten gebieden van Trentino: in de hele keten liggen maar vier liften en vier berghutten. Diezelfde bossen kregen in oktober 2018 de zwaarste klap in mensenheugenis: storm Vaia velde met windstoten tot ± 200 km/u in Noordoost-Italië zo’n 41.000 hectare bos (± 8,5 miljoen kubieke meter hout), de kale hellingen zie je nog altijd. En een primeur om te onthouden: de Valsugana werd op 24 juni 2019 de eerste toeristische bestemming ter wereld die volgens de wereldwijde GSTC-duurzaamheidscriteria werd gecertificeerd.

Cultuur: het concilie, de Mòcheni en de frambozen

Twintig minuten verderop ligt Trento, waar van 1545 tot 1563 het Concilie van Trente plaatsvond, hét kerkconcilie van de Contrareformatie, in 25 zittingen. In het kasteel Buonconsiglio hangt bovendien de beroemde middeleeuwse frescocyclus van de maanden (± 1400). In het zijdal boven onze camping, de Valle dei Mòcheni, leeft dan weer een Duitstalig taaleiland: zo’n 2.000 mensen spreken er Mòcheens, meegebracht door Beierse kolonisten in de 13e eeuw. En het dal is de bessenschuur van Italië: coöperatie Sant’Orsola in Pergine (opgericht 1972, ± 800 telers) is dé Italiaanse specialist in frambozen, bessen en bramen, die dus gewoon op de markt van maandag liggen.

Bronnen: Lagorai · Lake Caldonazzo · Lake Levico · Levico Terme · Provincie Trento: kuurpark · Trentino Grande Guerra · Kaiserjägerstraße · Etifor: storm Vaia · GSTC-certificering · Council of Trent · Mòcheno · Sant’Orsola

174 kmBrenta, bron → zee
2.847 mCima d’Asta
49 mdiepte Caldonazzo
24 °Czomers zwemwater
1545start Concilie
20191e GSTC-bestemming ter wereld
Alles op het kaartje, vanaf onze camping (bergposities bij benadering)
De berggids

De mooiste toppen rond Levico

Zelfde legenda: gezin · geoefende wandelaar · zeer ervaren · alpinisten. Twee items zijn geen toppen maar berijdbare passen, voor wie de bergen liever met de auto verkent.

Cima Vezzena / Pizzo di Levico · 1.908 m, het oog boven ons meer /

Dé berg van onze camping: de rotspunt die duizend meter loodrecht boven het Levico-meer staat, met op de top de ruïne van Forte Cima Vezzena (1910–1914), „het oog van de hoogvlakten”. Rijden: auto naar Passo Vezzena (1.402 m), grote parkeerplaats. Hiken: ja, gezinsvriendelijk, over oude militaire wegen ± 500 hm, 3–3,5 u heen en terug. Eén regel boven: kinderen aan de hand, achter de struiken valt de wand loodrecht naar beneden. Het spectaculairste uitzicht op onze twee meren. bron

Monte Panarotta · 2.002 m, de huisberg /

Naamgever van het (stilgelegde) skigebiedje Panarotta 2002, met een van de weidste panorama’s van de streek. Rijden: asfaltweg vanuit Levico via Vetriolo tot de parkeerterreinen bij de oude liften (± 1.500–1.760 m). Hiken: vanaf de parkeerplaats via pad 308 zo’n 520 hm, technisch eenvoudig, goed te doen voor gezinnen met wandelervaring. Onderweg: WOI-loopgraven en de houten wolvin (hike 9). bron

Cima d’Asta · 2.847 m, het granieteiland /

De hoogste van de hele streek, met aan de voet het diepblauwe bergmeer Lago di Cima d’Asta en het Rifugio Brentari (2.476 m). Rijden: via Pieve Tesino de Val Malene in tot Malga Sorgazza (± 1.450 m). Hiken: naar het meer en de hut is een lange maar technisch eenvoudige klim (± 1.000 hm, 3 u), haalbaar voor fitte wandelaars met grotere kinderen. De top zelf (nog 400 hm over granietblokken) is voor geoefende bergwandelaars. bron

Cima di Cece · 2.754 m, de wilde porfiertop

De hoogste top van de eigenlijke porfier-Lagorai: eenzaam, wild, met WOI-stellingen langs de route. Rijden: geen lift; vanuit Predazzo de Val Maggiore in tot de malga. Hiken: lange, zware bergtocht van 6–7 uur (± 1.200 hm) met steile rots- en puinstukken, alleen voor geoefende bergwandelaars. bron

Becco di Filadonna · 2.150 m, het gekartelde silhouet (deels)

Hoogste punt van de Vigolana, het getande silhouet ten zuidwesten van de meren. Rijden: auto naar de Valico della Fricca (1.113 m). Hiken: tot Rifugio Casarota (1.559 m) een mooie hutwandeling; het slotstuk over de graat is geëxponeerd en alleen voor ervaren wandelaars. bron

Cima Dodici · 2.336 m, de zonnewijzer

Hoogste top van de Asiago-hoogvlakte; heet „Twaalf” omdat de zon er vanuit Borgo Valsugana om 12 uur boven staat, samen met Cima Undici (11) en Cima Dieci (10) een natuurlijke klok. Rijden: deels onverharde bergwegen tot Malga Galmarara (1.614 m). Hiken: vanaf de malga over oude Oostenrijkse militaire wegen ± 750 hm (3,5 u), goed te doen voor geoefende wandelaars, met grote kinderen haalbaar. bron

Monte Ortigara · 2.106 m, de herdenkingsberg /

„Il Calvario degli Alpini”: in juni 1917 vielen hier in twee weken tienduizenden doden; op de top staat de afgebroken zuil (Colonna Mozza, 1920). Rijden: tot Piazzale Lozze (1.771 m), maar de laatste ± 10 km zijn hobbelig onverhard: rustig aan. Hiken: vanaf de parkeerplaats maar ± 335 hm over een klassieke herdenkingsroute tussen de loopgraven (3–4 u rond), haalbaar met wandelgewende kinderen, en onvergetelijk. bron

Passo Manghen · 2.047 m, de autopas dwars door de Lagorai

Geen top maar dé manier om de wilde Lagorai per auto te zien: 23 km klimmen van Borgo Valsugana (400 m) naar 2.047 m, Giro d’Italia-decor (Pantani kwam er in 1999 als eerste boven). Smal, veel haarspelden, afgeraden voor campers, prima voor de Tesla (zonder caravan!). Boven start het gezinswandelingetje naar Lago delle Buse (± 45 min). bron

Passo Rolle · 1.984 m, het Dolomietenbalkon +

Anderhalf uur rijden, maar dan sta je oog in oog met de Pale di San Martino, het eerste échte Dolomieten-decor vanuit de Valsugana. Rijden: gewone doorgaande asfaltweg met parkeerplaats. Hiken: de wandeling naar Capanna Cervino (30 min, zelfs met kinderwagen) en door naar Baita Segantini (2.181 m, ± 1–1,5 u) is dé gezinsklassieker van de Dolomieten: bergmeertje met het ansichtkaartzicht op de Cimon della Pala. bron

Dagtrips

De gebergten om ons heen (zuid)

De Lagorai, de Vigolana en de hoogvlakte van Asiago staan hierboven in de berggids; dit zijn de grote massieven een ring verder. Zeven dagtrip-doelen, elk met karakter, bereikbaarheid en de rijtijd vanaf de camping, bij benadering. Levico ligt op 506 meter, dus overal ga je flink omhoog.

Dolomiti di Brenta · Cima Brenta 3.151 m, Andalo op ± 1u15

De enige Dolomietengroep ten westen van de Adige, sinds 2009 UNESCO-werelderfgoed, met bleke torens boven het meer van Molveno. De hoogste top is een verhaal apart: eeuwenlang gold de Cima Tosa (3.173 m op oude kaarten), maar bij een lasermeting in 2015 bleek die door zijn gesmolten ijskap nog 3.136 m; sindsdien is de Cima Brenta (3.151 m) officieel de hoogste. Voor ons: de kabelbanen vanuit Andalo naar de Paganella (2.125 m), de uitzichtberg recht tegenover de Brenta; kinderen tot 8 jaar gratis, prijzen check je op paganella.net. In het natuurpark eromheen leven bruine beren: tussen 1999 en 2002 zijn er 10 uitgezet, inmiddels leven er tientallen in West-Trentino. Tegenkomen zul je ze op de wandelpaden vrijwel zeker niet. bron · beren

Pale di San Martino · Cima Vezzana 3.192 m, kabelbaan op ± 1u15

Het Dolomieten-decor dat je vanaf de Passo Rolle al zag (zie de berggids hierboven), maar er bovenóp staan kan ook: vanuit San Martino di Castrozza brengen de Colverde-cabinebaan en de Rosetta-kabelbaan je naar bijna 2.700 meter, op het grootste hoogplateau van de Dolomieten. Vijftig vierkante kilometer kale, lichte rots, golvend tussen 2.500 en 2.800 meter; het voelt als op de maan lopen. Zomertarief 2026: € 34 retour, kinderen onder de meter gratis, 1 m t/m 8 jaar € 18. bron · Rosetta

Marmolada · Punta Penia 3.343 m, kabelbaan op ± 2 u

De koningin van de Dolomieten en het hoogste punt ervan, met een verrassing: de berg zelf is niet van dolomiet maar van grijze kalksteen, een versteend koraalrif. Op de noordflank ligt de enige grote gletsjer van de Dolomieten, sterk krimpend. In de Eerste Wereldoorlog woonden Oostenrijks-Hongaarse soldaten hier in een stad van gangen en slaapzalen, uitgehakt ín het gletsjerijs. Voor ons: de kabelbaan vanaf Malga Ciapela naar Punta Rocca (3.265 m), het hoogste panoramaterras van de Dolomieten, met op het tussenstation op 3.000 meter het Grote Oorlog-museum, het hoogstgelegen museum van Europa. Prijzen: check ter plekke. De verste optie in dit rijtje, dus iets voor een lange, stabiele dag. bron · kabelbaan

Monte Bondone · Cornetto 2.180 m, Viote op ± 50 min

De huisberg van Trento, letterlijk „la Montagna di Trento”, een groene voor-Alp direct boven de stad. Per auto rijd je naar de Viote-hoogvlakte op 1.500 meter, met vlakke wandelingen en de botanische bergtuin: 10 hectare, collectie sinds 1938, een van de grootste en oudste alpiene tuinen van de Alpen, met ruim 1.500 soorten uit de Himalaya, de Kaukasus en de Rocky Mountains naast elkaar. Beheerd door het MUSE, dus goed te combineren met een Trento-dag. Openingstijden: check muse.it. bron · Viote

Monte Baldo · Cima Valdritta 2.218 m, Malcesine op ± 1u30

De veertig kilometer lange kalkrug tussen het Gardameer en het Etschdal, om zijn plantenrijkdom over meerdere klimaatzones de „tuin van Europa” genoemd. Het uitje: de kabelbaan van Malcesine naar 1.760 meter, waarvan het tweede deel met ronddraaiende panoramacabines: iedereen ziet het meer, de Alpen en de Po-vlakte zonder van zijn plek te komen. Seizoen 2026 loopt de hele zomer, retour ± € 27 (check funiviedelbaldo.it). Combineert vanzelf met de Riva-dagtrip die al bij de uitjes staat. bron · kabelbaan

Adamello-Presanella · Cima Presanella 3.558 m, Val Genova op ± 1u45

Het donkere hooggebergte-antwoord op de bleke Dolomieten: gletsjers en kristallijn gesteente, met de Presanella als hoogste berg die volledig binnen Trentino ligt. Hier ligt ook de Adamello-gletsjer, de grootste van de Italiaanse Alpen, gekrompen van ruim 30 km² eind negentiende eeuw naar zo’n 16 km². Voor ons: Val Genova, waar het gletsjersmeltwater als de Cascate Nardis bijna honderd meter naar beneden dondert; vanaf de parkeerplaats sta je er binnen een half uur en je voelt de nevel al vanaf het pad. Zelfde autorit: de Grostè-cabinebaan bij Madonna di Campiglio naar 2.485 m. Een lange dag, maar twee uitjes in één. bron · Nardis

Hoogvlakte van Asiago · over de Vezzena-pas, ± 45 min

De bergen zelf (Cima Dodici, Ortigara) staan hierboven in de berggids; de hoogvlakte erachter is een eigen dagje waard. Asiago is de geboortegrond van de gelijknamige DOP-kaas, op de Leiten-heuvel rust in het monumentale Sacrario van 1936 een verpletterend aantal gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog (bijna 55.000, Italianen én Oostenrijkers), en op Cima Ekar staat sinds 1973 de Copernico-telescoop van 182 cm, nog altijd de grootste optische telescoop van Italië. Die staat daar en niet in een stad, omdat de lucht boven de hoogvlakte zo donker is. bron · telescoop

De zeven op het kaartje, vanaf onze camping (posities bij benadering)
Verder kijken

Eyecatchers rond de Valsugana

Afstanden vanaf Levico Terme (auto waar vermeld, anders hemelsbreed).

Pale di San Martino bij zonsondergang
De Pale di San Martino bij zonsondergang. Dolomieten-alpenglow, UNESCO-erfgoed.
Panorama van Trento
Trento, de conciliestad, tussen de bergen van het Adige-dal.
Castello del Buonconsiglio
Het Castello del Buonconsiglio, eeuwenlang de zetel van de prinsbisschoppen van Trente.

Bronnen eyecatchers: Dolomiti UNESCO · Britannica: Lake Garda · Monte Grappa-memoriaal · Ponte degli Alpini · PNAB: Life Ursus · MUSE · Forte Belvedere

Over de feiten

Alles op deze pagina is gecontroleerd tegen de vermelde bronnen (geraadpleegd juli 2026). Populaire claims die nét niet klopten hebben we bewust aangepast: de SkiWelt is „een van de grootste” skigebieden van Oostenrijk (niet hét grootste, dat is Ski Arlberg), de Krimmler waterval is de hoogste van Oostenrijk (de Europa-claim is niet hard te maken), en het Levico-bronwater is het enige arseen-ijzerhoudende van Italië (niet „uniek in Europa”). Foto’s: Wikimedia Commons, vrije licenties.

Naar ons Tirol-programma Naar ons Italië-programma

Heenreis Oostenrijk Italië Terugreis Streken Live Woordjes Praktisch Links